Als Muren Oren Krijgen 2007

Als Muren Oren Krijgen: een zoektocht naar de verbanden tussen architectuur en muziek.

Raakvlakken
Fundament, basis, vorm, ritme, ornament, schema: architectuur en muziek lenen elkaars termen. Componisten hebben een schetsboek op zak en architecten kunnen vele orkesten vullen. Blijkbaar hebben architectuur en muziek raakvlakken. Waar liggen die?

Al in de Middeleeuwen werden gebouwen ingewijd met een speciaal voor de ruimte gecomponeerd muziekstuk. Het publiek kon dan niet alleen zien, maar ook horen hoe groot het gebouw was.

Het initiatief voor dit programma op 8 locaties komt van het blokfluitensemble Ratatouille. Ratatouille betrok de architecten Thijs Gerretsen en Brans Stassen in hun plannen. Zij dachten niet alleen mee over de locatiesmaar ook over het visuele aspect van de voorstelling. Bewegend beeld leek het best weer te geven wat Ratatouille voor ogen had en zij gingen op zoek naar specialisten, die het idee net zo opwindend vonden. Zo ontstond de samenwerking met beeldend kunstenaar Jeroen van Westen en vormgever Rob van den Broek. Het was inmiddels voorjaar 2003.

Zomer en najaar 2005 vonden de voorstellingen plaats in Klooster ter Apel, Radio Kootwijk, Huis Bergh, Broeker Veiling, Sanatorium Zonnestraal, Zuiderbad, Station Haarlem, Cruquius Gemaal.

Over de muziek
Zoals de locaties zijn gekozen, is ook niet wetenschappelijk, maar zuiver intuïtief de muziek geselecteerd. Het programma ontstond kijkend, lopend en met ogen dicht aan tafel zittend, luisterend naar wat een innerlijk beeld opriep.
Bij sommige gebouwen was het moeilijk de architectuur achter de functie tevoorschijn te halen. De keuze voor geestelijke muziek in het klooster, rustige in het sanatorium zou worden ingegeven door wat er in het gebouw gebeurt, niet primair door de architectuur. Het water is natuurlijk niet weg te denken uit het Zuiderbad en het Cruquius Gemaal produceert zon imposant eigen geluid, dat dat een stempel drukt op de muziek die het oproept.
Het programma bestond uit muziek uit Middeleeuwen, Renaissance, Barok en het eind van de 20ste eeuw.

Al in een vroeg stadium zijn Merlijn Twaalfhoven en Daan Manneke uitgenodigd om een stuk te schrijven voor dit project. Marco Kalkman stapte later in. Hij viel op door het vermogen muziek een theatraal karakter mee te geven. Op elke locatie was van hem een ander, speciaal daarvoor geschreven en geregisseerd stuk te horen.